In deze Spaanse steden kun je nog een appartement kopen voor minder dan €200.000

De huizenprijzen in Spanje zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Toch zijn er nog steeds steden waar een woning onder de 200.000 euro te vinden is. Nieuwe cijfers laten zien dat vooral in kleinere steden en regio’s landinwaarts de prijzen nog relatief laag blijven.
Gemiddeld kost een woning in Spanje inmiddels bijna 3.000 euro per vierkante meter. Voor een appartement van ongeveer 80 vierkante meter komt dat neer op ruim 235.000 euro. Dat is ongeveer 40.000 euro meer dan een jaar geleden.
Toch zijn er nog verschillende provinciehoofdsteden waar je voor minder dan 200.000 euro een woning kunt kopen. De goedkoopste stad op die lijst is Zamora in de regio Castilla y León. Daar ligt de gemiddelde prijs rond de 120.000 euro.
Andere steden waar woningen gemiddeld nog onder deze grens liggen zijn onder meer:
- Lugo – ongeveer €131.000
- Lleida – ongeveer €135.000
- Jaén – ongeveer €136.000
- Huelva – ongeveer €137.000
- Cáceres – ongeveer €138.000
- Ávila – ongeveer €139.000
- Tarragona – ongeveer €141.000
- Ciudad Real – ongeveer €142.000
Hoewel veel van deze steden in het binnenland liggen, zijn er ook enkele plekken dicht bij de kust waar woningen nog relatief betaalbaar zijn. Zo kun je bijvoorbeeld in Huelva, Almería, Tarragona en Castellón nog appartementen vinden onder de 200.000 euro.
De duurste stad op deze lijst die nog net onder de grens blijft is Zaragoza. Daar ligt de gemiddelde prijs rond de 195.600 euro.
Volgens vastgoedanalyses betekent dit dat koopjes nog steeds mogelijk zijn in Spanje, maar vaak buiten de populairste kustgebieden. Wie bereid is verder landinwaarts te kijken of naar minder bekende regio’s te verhuizen, kan nog steeds relatief betaalbare woningen vinden.
