President Ceuta: mogelijk nog 8.000 tot 11.000 migranten in stad na massale grensoversteek

9 8

De president van de Spaanse enclave Ceuta, Juan Vivas, schat dat er nog altijd tussen de 8.000 en 11.000 migranten in de stad verblijven na de massale grensoversteek vanuit Marokko op 30 juli. Hij roept de Spaanse regering op om snel in te grijpen, de grens beter te beveiligen en minimaal duizend extra politieagenten en Guardia Civil-leden naar Ceuta te sturen.

Verschillende cijfers over aantal migranten

Volgens Vivas is de situatie in Ceuta nog lang niet teruggekeerd naar normaal. Zijn schatting van 8.000 tot 11.000 mensen ligt aanzienlijk hoger dan de cijfers van de centrale Spaanse regering, die volgens hem uitgaat van ongeveer 2.500 migranten die nog in de enclave aanwezig zijn.

De president van Ceuta vraagt daarom om meer duidelijkheid en transparantie over de werkelijke aantallen. Volgens hem is een juiste inschatting noodzakelijk om voldoende politie, opvang en andere voorzieningen in te zetten.

Veel mensen zonder opvang

Vivas stelt dat duizenden mensen zich verspreid over Ceuta bevinden, onder meer in woonwijken, natuurgebieden en op stranden. Een deel van hen zou geen vaste opvangplek hebben en niet beschikken over voldoende basisvoorzieningen.

Volgens de regionale regering zorgt dit voor grote druk op de stad en haar inwoners. Vivas noemt de huidige situatie onhoudbaar en dringt aan op snelle maatregelen vanuit Madrid.

Terugkeer naar Marokko

De president van Ceuta vindt dat mensen die tijdens de massale grensoversteek vanuit Marokko zijn binnengekomen zo snel mogelijk moeten worden teruggeleid, voor zover dat juridisch mogelijk is.

Volgens Vivas moet worden voorkomen dat de indruk ontstaat dat mensen die op deze manier Ceuta binnenkomen vervolgens automatisch toegang krijgen tot het Spaanse vasteland of verblijfsdocumenten ontvangen.

Hij ziet terugkeer via de grensovergang bij El Tarajal als de belangrijkste manier om de druk op Ceuta te verminderen.

Verzoek om minstens duizend extra agenten

Naast snellere terugkeerprocedures vraagt Vivas om een forse uitbreiding van de veiligheidsdiensten.

Hij wil dat er tijdelijk minimaal duizend extra agenten van de Policía Nacional en Guardia Civil in Ceuta worden ingezet. Volgens hem zijn de huidige aantallen onvoldoende gezien de omvang van de situatie.

Vivas benadrukte tegelijkertijd dat politie, Guardia Civil, lokale politie en het Spaanse leger volgens hem momenteel veel werk verrichten, maar dat extra personeel noodzakelijk blijft.

Grens met Marokko beter beveiligen

Een tweede belangrijke eis van de regering van Ceuta is een sterkere beveiliging van de grens met Marokko.

Vivas vindt dat Spanje zelf over voldoende mensen en middelen moet beschikken om massale grensoverschrijdingen te kunnen voorkomen, ongeacht de samenwerking met Marokko. Hij pleit daarom voor preventieve maatregelen, afschrikking en voldoende capaciteit om snel te kunnen reageren wanneer opnieuw grote groepen mensen richting de grens trekken.

Crisis begon op 30 juli

De huidige situatie ontstond na een zeer grote toestroom vanuit Marokko op 30 juli 2026. Daarbij wisten grote aantallen mensen Ceuta binnen te komen, onder meer door zwemmend de grens bij zee te passeren.

Acht dagen later is volgens de regionale regering nog altijd sprake van een uitzonderlijke situatie.

Vivas zegt dat zijn regering wil blijven samenwerken met de centrale Spaanse overheid, maar tegelijkertijd meer snelheid, personeel en duidelijkheid verwacht vanuit Madrid.

Hoeveel migranten zich daadwerkelijk nog in Ceuta bevinden, blijft vooralsnog onderwerp van discussie. De schatting van de lokale regering ligt met 8.000 tot 11.000 aanzienlijk hoger dan de circa 2.500 waar de centrale overheid volgens Vivas vanuit gaat.

Vergelijkbare berichten