Vijf Spaanse bestemmingen die meer bezoekers kunnen gebruiken

Terwijl populaire steden en kustgebieden worstelen met massatoerisme, zijn er in Spanje ook regio’s waar extra bezoekers juist welkom zijn. De Spaanse toeristische sector wil reizigers daarom vaker verleiden om minder bekende gebieden te ontdekken, buiten het hoogseizoen te reizen en langer op één bestemming te blijven.
Toerisme is goed voor meer dan 12 procent van de Spaanse economie. Toch kiest volgens Manuel Butler, directeur van het Spaanse verkeersbureau in Londen, ruim 80 procent van de buitenlandse bezoekers voor de eilanden of de Middellandse Zeekust. Een betere spreiding moet de druk op bekende bestemmingen verminderen en tegelijkertijd andere regio’s economisch ondersteunen.
La Rioja: wijn, gastronomie en glooiende landschappen
La Rioja is wereldwijd bekend om zijn wijn, maar ontvangt veel minder toeristen dan grote steden en badplaatsen. Volgens The Olive Press bezochten vorig jaar ongeveer 180.000 toeristen deze wijnregio, tegenover circa 15,5 miljoen bezoekers aan Barcelona.
De streek telt meer dan 500 wijnhuizen. Ruim 80 daarvan openen hun deuren voor rondleidingen, proeverijen en activiteiten tussen de wijngaarden. Bezoekers kunnen er daarnaast wandelen, fietsen, ballonvaren en kennismaken met de lokale gastronomie.
Extremadura: monumentale steden en ongerepte natuur
Extremadura ligt in het westen van Spanje, aan de grens met Portugal. De regio beschikt over drie locaties die op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staan: de historische binnenstad van Cáceres, het archeologische ensemble van Mérida en het koninklijke klooster van Guadalupe.
Naast cultuur biedt Extremadura uitgestrekte natuurgebieden, traditionele dorpen, wandelroutes en een sterke regionale keuken. De regio is daardoor aantrekkelijk voor reizigers die drukke kustplaatsen willen vermijden.
Het groene noorden: stranden, bergen en gastronomie
De noordelijke kust van Spanje vormt een rustiger alternatief voor de Middellandse Zeekust. In Baskenland, Cantabrië, Asturië en Galicië liggen groene berglandschappen, ruige kliffen, vissersdorpen en stranden aan de Atlantische Oceaan en de Cantabrische Zee.
Reizigers kunnen ontspannen aan de Baskische kust, genieten van de gastronomie van San Sebastián of een autoroute maken langs de kust van Asturië en Galicië.
El Hierro: rustig en duurzaam eilandtoerisme
El Hierro is het meest westelijke en een van de minst bezochte Canarische Eilanden. Het eiland heeft geen rechtstreekse internationale vliegverbindingen, waardoor het aanzienlijk rustiger blijft dan Tenerife, Gran Canaria of Lanzarote.
Het landschap bestaat uit vulkanisch terrein, steile kliffen, dennenbossen, laurierbossen en natuurlijke zwembaden. El Hierro profileert zich bovendien als duurzame bestemming, met aandacht voor hernieuwbare energie, biologische landbouw en toerisme dat de natuur en leefbaarheid voor inwoners zo min mogelijk belast.
Teruel: truffels en dinosaurussen
De provincie Teruel ligt in het oosten van Spanje, maar wordt door veel toeristen overgeslagen. De afgelegen ligging maakt de regio minder gemakkelijk bereikbaar, maar zorgt ook voor rust en ruimte.
Teruel staat bekend om truffels, historische plaatsen, wandelroutes en paleontologische vindplaatsen. In verschillende delen van de provincie zijn miljoenen jaren oude voetafdrukken en resten van dinosaurussen gevonden. Ook bevindt zich hier Dinópolis, een park en museumcomplex dat volledig in het teken staat van dinosaurussen en paleontologie.
Toerisme beter over Spanje verdelen
De oproep om andere regio’s te bezoeken betekent niet dat Spanje minder toeristen wil ontvangen. Het doel is vooral om bezoekers beter over het land en over het jaar te verspreiden.
Door buiten het hoogseizoen te reizen en minder bekende bestemmingen te kiezen, kunnen vakantiegangers een rustiger en authentieker Spanje ontdekken. Tegelijkertijd profiteren kleinere steden, dorpen en landelijke regio’s meer van de inkomsten uit het toerisme.
