Lanzarote: vulkanen, zwarte lavavelden, witte dorpen en de erfenis van César Manrique

Lanzarote is het meest noordoostelijke van de grote Canarische Eilanden en misschien wel het eiland met het meest herkenbare landschap van de hele archipel.
Zwarte lavavelden, honderden vulkaankegels, witte huizen, wijngaarden in vulkanische as en ruige kusten bepalen hier het beeld. Op sommige plaatsen lijkt het landschap nauwelijks op aarde en eerder op het decor van een sciencefictionfilm.
Toch is Lanzarote veel meer dan alleen vulkanen.
Je vindt er goudkleurige stranden, historische dorpen, vissersplaatsen, wijngebieden, zoutpannen en spectaculaire grotten. Daarnaast heeft kunstenaar César Manrique een uitzonderlijk sterke invloed gehad op de manier waarop het eiland zich toeristisch heeft ontwikkeld.
Lanzarote is daardoor een van de weinige populaire vakantie-eilanden waar natuur, architectuur en toerisme zo nadrukkelijk met elkaar zijn verweven.
Lanzarote in cijfers
Lanzarote heeft een oppervlakte van ongeveer 845,9 vierkante kilometer.
Daarmee is het het vierde grootste eiland van de Canarische archipel, na Tenerife, Fuerteventura en Gran Canaria.
Het eiland is ongeveer zestig kilometer lang en op het breedste punt ongeveer vijfentwintig kilometer breed.
Ondanks de relatief kleine oppervlakte zijn de landschappen bijzonder gevarieerd.
In 2025 telde Lanzarote ongeveer 166.900 permanente inwoners. Daarbovenop verbleven gemiddeld naar schatting nog ruim 82.000 toeristen per dag op het eiland.
Daardoor bedroeg de gemiddelde werkelijke menselijke aanwezigheid ongeveer 249.000 mensen per dag.
Zeven gemeenten
Lanzarote bestaat uit zeven gemeenten:
- Arrecife;
- Haría;
- San Bartolomé;
- Teguise;
- Tías;
- Tinajo;
- Yaiza.
De hoofdstad is Arrecife, aan de oostkust.
De grootste toeristische gebieden liggen vooral rond Puerto del Carmen, Costa Teguise en Playa Blanca.
Daarbuiten bestaat een groot deel van het eiland uit kleine dorpen, landbouwgrond, beschermde natuur en vulkanisch landschap.
Arrecife: hoofdstad aan zee
Arrecife is sinds 1852 de hoofdstad van Lanzarote.
Daarvoor was Teguise het bestuurlijke centrum van het eiland.
Arrecife ontwikkelde zich rond een natuurlijke haven en groeide vooral door handel en scheepvaart.
De stad is tegenwoordig het belangrijkste commerciële en bestuurlijke centrum van Lanzarote.
In tegenstelling tot Puerto del Carmen of Playa Blanca voelt Arrecife veel meer als een echte Canarische woonstad.
Charco de San Ginés
Een van de sfeervolste plekken van Arrecife is de Charco de San Ginés.
Deze natuurlijke lagune ligt midden in de stad en wordt omringd door witte huizen, vissersbootjes, cafés en restaurants.
Het gebied was vroeger nauw verbonden met de vissersgemeenschap van Arrecife.
Tegenwoordig vormt het een van de populairste plekken om ’s avonds te wandelen of iets te eten.
Castillo de San Gabriel
Voor de kust van het centrum staat het Castillo de San Gabriel.
Het kleine fort ligt op een eilandje en is via een stenen brug verbonden met Arrecife.
Het bouwwerk werd opgericht om de stad tegen aanvallen van piraten en zeerovers te beschermen.
Tegenwoordig bevindt zich er een historisch museum.
Castillo de San José
Aan de noordkant van de haven ligt het Castillo de San José.
Ook dit fort werd oorspronkelijk gebouwd voor de verdediging van Arrecife.
Later veranderde César Manrique het gebouw in het Museo Internacional de Arte Contemporáneo.
Daarmee werd opnieuw een oud bouwwerk gecombineerd met moderne kunst, iets wat op Lanzarote regelmatig terugkomt.
Lanzarote is een vulkanisch eiland
Vrijwel alles op Lanzarote wordt bepaald door vulkanisme.
Het eiland ontstond miljoenen jaren geleden door opeenvolgende uitbarstingen op de oceaanbodem.
Vooral in het westen en zuiden zijn enorme jonge lavavelden zichtbaar.
De grootste historische verandering vond plaats in de 18e eeuw.
Tussen 1730 en 1736 vonden jarenlang zware vulkaanuitbarstingen plaats waarbij een groot gebied onder lava, vulkanisch gesteente en as verdween.
Dorpen en landbouwgrond werden bedekt en het landschap veranderde voorgoed.
Een groot deel daarvan vormt tegenwoordig het Parque Nacional de Timanfaya.
Nationaal Park Timanfaya
Het bekendste natuurgebied van Lanzarote is zonder twijfel Timanfaya.
Het nationale park bestaat uit kraters, vulkaankegels en enorme lavavelden in zwarte, rode, bruine en okerkleurige tinten.
Vrijwel nergens groeit vegetatie.
Daardoor heeft het landschap een bijna buitenaards karakter.
De bekendste toeristische zone heet Montañas del Fuego, de Vuurbergen.
Bezoekers worden daar per bus door een streng beschermd deel van het park gereden.
Zelf vrij rondrijden of wandelen door dit gedeelte is niet toegestaan.
De aarde is er nog altijd uitzonderlijk heet
Op het Islote de Hilario wordt zichtbaar gemaakt hoeveel warmte zich nog vlak onder het aardoppervlak bevindt.
Medewerkers gieten bijvoorbeeld water in een pijp in de grond, waarna binnen enkele seconden een krachtige straal stoom omhoog schiet.
Ook droog materiaal kan door de hitte uit de bodem ontbranden.
Het gaat daarbij niet om vloeibare magma direct onder je voeten, maar om uitzonderlijk hoge restwarmte in de ondiepe ondergrond.
Het laat wel duidelijk zien hoe jong het vulkanische landschap geologisch gezien is.
Uitbarstingen van 1824
Na de grote erupties van 1730 tot 1736 vonden in 1824 opnieuw vulkaanuitbarstingen plaats.
Deze waren veel kleiner, maar bevestigden dat het vulkanische systeem nog actief was.
Sindsdien heeft Lanzarote geen nieuwe uitbarsting op land meegemaakt.
Dat betekent overigens niet dat het eiland geologisch ‘uitgestorven’ is. De gehele Canarische archipel blijft vulkanisch actief.
Ruta de los Volcanes
De bekendste route door Timanfaya wordt per speciale parkbus gereden.
Onderweg passeer je kraters, lavatunnels, vulkaankegels en enorme versteende lavastromen.
De weg slingert door een landschap waar vrijwel geen gebouwen of menselijke ingrepen zichtbaar zijn.
Op sommige plekken zie je hoe vloeibare lava ooit als golven over oudere gesteenten is gestroomd.
Het landschap is zo bijzonder dat Timanfaya regelmatig als filmlocatie wordt gebruikt.
Vulkanisch landschap als filmdecor
Lanzarote trekt al tientallen jaren filmmakers.
Vooral Timanfaya, La Geria, El Golfo, Famara en Papagayo zijn gebruikt voor films en televisieproducties.
Het vulkanische landschap kan afhankelijk van camerastandpunt doorgaan voor een woestijn, verre planeet of prehistorische wereld.
Dat maakt Lanzarote een opvallend veelzijdige natuurlijke filmset.
César Manrique veranderde Lanzarote
Geen persoon heeft het moderne uiterlijk van Lanzarote sterker beïnvloed dan César Manrique.
De kunstenaar, architect en natuurbeschermer werd in 1919 in Arrecife geboren.
Na een verblijf in onder andere Madrid en New York keerde hij in 1966 definitief terug naar zijn geboorte-eiland.
Op dat moment begon ook het internationale toerisme op Lanzarote sterk te groeien.
Manrique vreesde dat grote hotels, reclameborden en ongecontroleerde bouw de bijzondere identiteit van het eiland zouden vernietigen.
Hij pleitte daarom voor een vorm van toeristische ontwikkeling waarbij landschap, traditionele architectuur en kunst centraal bleven staan.
Zijn ideeën waren van grote invloed op het latere ruimtelijke beleid van Lanzarote.
Waarom Lanzarote nauwelijks hoogbouw heeft
Wie Lanzarote vergelijkt met bijvoorbeeld Tenerife of Gran Canaria merkt direct dat er veel minder hoge gebouwen staan.
In veel plaatsen overheersen lage, witgeschilderde woningen met groene, blauwe of bruine kozijnen.
Dat is geen toeval.
De ideeën van César Manrique speelden een belangrijke rol bij het ontstaan van bouwregels waarbij traditionele kleuren, lage bebouwing en het landschap zoveel mogelijk moesten worden gerespecteerd.
Het resultaat is dat zelfs grote toeristische plaatsen relatief horizontaal zijn gebleven.
Jameos del Agua
Een van Manriques bekendste creaties is Jameos del Agua.
Het complex ligt in een enorme lavatunnel die ontstond tijdens een uitbarsting van de Volcán de la Corona.
Op verschillende plaatsen stortte het plafond van de tunnel in. Zo ontstonden openingen die op de Canarische Eilanden jameos worden genoemd.
Manrique veranderde een deel hiervan in een bijzondere combinatie van natuur, architectuur, kunst en cultuur.
Blinde witte krabbetjes
Binnen Jameos del Agua ligt een ondergronds zoutwatermeer.
Hier leeft een zeer bijzondere diersoort: Munidopsis polymorpha, een klein blind en bijna wit kreeftachtig diertje.
De soort komt alleen hier voor en is daarmee endemisch voor Lanzarote.
De diertjes zijn extreem gevoelig voor vervuiling. Bezoekers wordt daarom nadrukkelijk gevraagd niets in het water te gooien.
Auditorium in een lavatunnel
Verderop in Jameos del Agua bevindt zich een auditorium dat grotendeels in het vulkanische gesteente is aangelegd.
Door de vorm van de lavatunnel heeft de ruimte bijzondere akoestische eigenschappen.
Het complex bevat daarnaast een restaurant, expositieruimtes en de Casa de los Volcanes, waar bezoekers meer leren over het vulkanisme van Lanzarote.
Cueva de los Verdes
Dezelfde enorme lavatunnel loopt verder naar de Cueva de los Verdes.
Ook deze grot ontstond na uitbarstingen van de Volcán de la Corona.
Het gangenstelsel loopt kilometerslang en zet zich zelfs onder de Atlantische Oceaan voort.
Een gedeelte is toegankelijk tijdens rondleidingen.
De route voert door smalle gangen en grote ondergrondse ruimtes waarin verschillende kleuren vulkanisch gesteente zichtbaar zijn.
Een schuilplaats tegen piraten
De Cueva de los Verdes had in het verleden ook een praktische functie.
Bewoners van Lanzarote zouden delen van het grottenstelsel hebben gebruikt om zich tijdens aanvallen van piraten en zeerovers te verbergen.
De naam verwijst overigens niet naar de kleur groen, maar waarschijnlijk naar een familie die het gebied ooit gebruikte.
Mirador del Río
Helemaal in het noorden ligt nog een beroemde creatie van Manrique: Mirador del Río.
Het uitzichtpunt ligt hoog in de Risco de Famara en is grotendeels in de rotswand verwerkt.
Van buitenaf valt het gebouw nauwelijks op.
Binnen zorgen grote ramen voor een spectaculair uitzicht over de smalle zeestraat El Río en het eiland La Graciosa.
Verder in zee liggen de andere eilandjes van de Archipiélago Chinijo.
La Graciosa
Vanaf Lanzarote kun je gemakkelijk naar La Graciosa reizen.
Het kleine bewoonde eiland ligt vlak voor de noordkust en is per ferry bereikbaar vanuit Órzola.
La Graciosa heeft geen luchthaven en nauwelijks verharde wegen.
De belangrijkste nederzetting is Caleta de Sebo.
Stranden, zandwegen en vulkanische heuvels bepalen het landschap.
Sinds 2018 wordt La Graciosa officieel erkend als het achtste bewoonde Canarische eiland.
Archipiélago Chinijo
La Graciosa maakt samen met verschillende kleinere eilandjes deel uit van de Archipiélago Chinijo.
Tot dit gebied behoren onder andere Alegranza, Montaña Clara, Roque del Este en Roque del Oeste.
Het omliggende zeegebied is ecologisch bijzonder waardevol.
Lanzarote en de Chinijo-eilanden vormen samen bovendien een UNESCO Global Geopark.
Haría: de vallei van duizend palmen
In het noorden ligt Haría.
De omgeving is opvallend groen voor een verder vrij droog eiland.
De vallei staat traditioneel bekend als Valle de las Mil Palmeras, de vallei van de duizend palmen.
Tussen de witte huizen staan grote aantallen Canarische dadelpalmen.
César Manrique bracht de laatste jaren van zijn leven in Haría door.
Zijn voormalige woning is tegenwoordig het Casa-Museo César Manrique.
Fundación César Manrique
Een andere belangrijke plek ligt in Tahíche.
Hier bouwde Manrique zijn eigen woning midden in een lavaveld.
Het huis maakt gebruik van natuurlijke vulkanische bellen die in de lava waren ontstaan.
Woonruimtes, terrassen en tuinen lopen daardoor letterlijk door het vulkanische landschap heen.
De woning is tegenwoordig het hoofdkantoor van de Fundación César Manrique en een van de beste plekken om zijn ontwerpfilosofie te begrijpen.
Jardín de Cactus
Bij Guatiza ligt de Jardín de Cactus, nog een ontwerp van Manrique.
In een voormalige groeve werd een tuin aangelegd met duizenden cactussen en vetplanten uit verschillende delen van de wereld.
Zwart vulkanisch gesteente, witte muren en groene planten zorgen voor sterke kleurcontrasten.
Boven de tuin staat een gerestaureerde traditionele windmolen.
Teguise: voormalige hoofdstad
Teguise was eeuwenlang de hoofdstad van Lanzarote.
Het historische centrum bestaat uit witte huizen, pleinen, kerken en oude herenhuizen.
In tegenstelling tot Arrecife ligt Teguise landinwaarts.
Daardoor was de plaats vroeger beter beschermd tegen aanvallen vanaf zee.
Op zondag verandert het centrum tijdens de grote markt in een van de drukste plekken van het eiland.
Kramen verkopen kleding, lokale producten, souvenirs, kunst en voedsel.
Castillo de Santa Bárbara
Boven Teguise ligt op de vulkaan Guanapay het Castillo de Santa Bárbara.
Door zijn hoge ligging kon vanaf hier een groot deel van het eiland en de kust worden gecontroleerd.
Het fort diende eeuwenlang als verdedigingspunt tegen piratenaanvallen.
Vanaf de berg heb je bovendien een weids uitzicht over centraal Lanzarote.
La Geria: wijn verbouwen in vulkanische as
Een van de bijzonderste landbouwlandschappen van Europa ligt in La Geria.
Na de grote vulkaanuitbarstingen van de 18e eeuw lag een enorm deel van het landbouwgebied onder een laag vulkanische as, lokaal picón genoemd.
In plaats van het gebied op te geven ontwikkelden boeren een slimme teeltmethode.
Voor iedere wijnstok wordt een kuil in de vulkanische as gegraven.
Daaromheen wordt vaak een halfrond muurtje van lavasteen gebouwd.
Waarom de vulkanische as juist helpt
De donkere korrels nemen ’s nachts vocht uit de lucht op en verminderen overdag verdamping.
Dat is essentieel op een eiland waar zeer weinig regen valt.
De stenen muurtjes beschermen de druivenplanten bovendien tegen de vaak sterke wind.
Het resultaat is een landschap met duizenden zwarte kuilen waarin individuele wijnstokken groeien.
Deze bijzondere landbouwtechniek wordt door UNESCO genoemd als een van de opvallendste aanpassingen van de bevolking aan het extreem droge klimaat.
Malvasía Volcánica
De bekendste druif is Malvasía Volcánica.
Hiervan worden droge, halfzoete en zoete witte wijnen gemaakt.
Langs de weg door La Geria liggen verschillende bodegas waar bezoekers lokale wijnen kunnen proeven.
Het donkere vulkanische landschap met groene wijnstokken behoort tot de meest karakteristieke beelden van Lanzarote.
El Golfo en het groene meer
Aan de westkust ligt het vissersdorp El Golfo.
Vlak naast het dorp bevindt zich Charco de los Clicos, ook bekend als Lago Verde.
Het felgroene water ligt in een gedeeltelijk geërodeerde vulkaankrater, direct naast het zwarte strand en de Atlantische Oceaan.
De kleur wordt veroorzaakt door micro-organismen en andere natuurlijke omstandigheden in het zeer zoute water.
Zwemmen in het meer is niet toegestaan.
Los Hervideros
Niet ver van El Golfo ligt Los Hervideros.
Hier heeft de Atlantische Oceaan diepe grotten en openingen uitgesleten in gestolde lavastromen.
Bij krachtige golven wordt zeewater met enorme kracht door de openingen geperst.
De naam betekent ongeveer ‘de kokende potten’ en verwijst naar het woeste water dat tussen het zwarte gesteente lijkt te koken.
Vooral bij ruwe zee is het spectaculair, maar bezoekers moeten dan uiteraard extra afstand houden van de waterkant.
Salinas de Janubio
Verder naar het zuiden liggen de Salinas de Janubio.
Deze zoutpannen werden aan het einde van de 19e eeuw aangelegd en worden nog altijd gebruikt voor zoutwinning.
Vanuit hoger gelegen uitzichtpunten zie je een geometrisch patroon van bassins in witte, roze, bruine en grijze tinten.
Het geheel vormt een opvallend contrast met de zwarte vulkanische omgeving.
De zoutpannen zijn bovendien belangrijk voor verschillende vogelsoorten.
Playa de Papagayo
In het uiterste zuiden liggen de beroemde stranden van Papagayo.
Het beschermde kustgebied Los Ajaches bevat verschillende baaien met goudkleurig zand en helder turquoise water.
Playa de Papagayo is de bekendste, maar er liggen meerdere stranden naast elkaar.
In tegenstelling tot veel vulkanische stranden op de Canarische Eilanden is het zand hier opvallend licht.
Het gebied is grotendeels onbebouwd en vormt een van de bekendste natuurlijke strandgebieden van Lanzarote.
Playa Blanca
Vlak bij Papagayo ligt Playa Blanca.
De voormalige vissersplaats is uitgegroeid tot een van de drie grootste toeristische centra van het eiland.
Langs de kust bevinden zich hotels, villa’s, restaurants en een lange promenade.
Bij Marina Rubicón liggen winkels en restaurants rond een moderne jachthaven.
Vanuit Playa Blanca vertrekken bovendien ferries naar Corralejo op Fuerteventura.
Naar Fuerteventura in minder dan een uur
Lanzarote en Fuerteventura liggen bij Playa Blanca dicht bij elkaar.
Vanaf de haven varen dagelijks meerdere ferry’s naar Corralejo.
De overtocht duurt afhankelijk van het schip ongeveer 25 tot 35 minuten.
Hierdoor kunnen beide eilanden relatief gemakkelijk tijdens één reis worden gecombineerd.
Puerto del Carmen
Puerto del Carmen is het grootste en oudste toeristische centrum van Lanzarote.
De plaats ligt aan de zuidoostkust, dicht bij de luchthaven.
Langs de Avenida de las Playas liggen hotels, appartementen, restaurants, winkels en stranden.
Het bekendste strand is Playa Grande.
Ondanks de omvang van het toerisme bestaat achter de moderne boulevard nog het oudere havengedeelte rond El Varadero.
Costa Teguise
Ten noorden van Arrecife ligt Costa Teguise.
Het vakantiegebied werd in de jaren zeventig ontwikkeld en ook César Manrique was betrokken bij delen van het ontwerp.
Playa de las Cucharas behoort tot de bekendste stranden.
Door de vaak stevige wind is Costa Teguise populair bij windsurfers.
De plaats ligt bovendien gunstig voor uitstapjes naar Arrecife, Teguise en het noorden van Lanzarote.
Famara: strand onder enorme kliffen
Aan de noordwestkant ligt Playa de Famara.
Het brede strand strekt zich kilometerslang uit onder de enorme kliffen van Risco de Famara.
De Atlantische Oceaan is hier veel ruiger dan bij Papagayo.
Daardoor is Famara bijzonder populair bij surfers, kitesurfers en andere watersporters.
Zwemmen kan door golven en stroming echter gevaarlijk zijn.
Direct achter het strand ligt het kleine dorp Caleta de Famara, bekend om zijn ontspannen sfeer en visrestaurants.
Hoogste punt van Lanzarote
De kliffen van Famara lopen op tot het hoogste gedeelte van het eiland.
Bij Peñas del Chache bereikt Lanzarote ongeveer 670 meter boven zeeniveau.
Dat klinkt relatief laag vergeleken met Tenerife of La Palma, maar doordat de kliffen vrijwel direct uit zee oprijzen is het uitzicht spectaculair.
De omgeving is bovendien bijzonder geschikt voor sterrenkijken vanwege de geringe lichtvervuiling.
Órzola
Helemaal in het noorden ligt het kleine kustplaatsje Órzola.
Vanuit de haven vertrekken ferry’s naar La Graciosa.
In de omgeving liggen verschillende rustige stranden en witte zandbaaien tussen zwarte vulkanische rotsen.
Het noordelijke landschap is door de invloed van vochtige passaatwinden iets groener dan veel delen van het zuiden.
Playa del Risco
Onder de hoge Famara-kliffen ligt het afgelegen Playa del Risco.
Het goudkleurige strand is alleen via een steil wandelpad of per boot bereikbaar.
Juist doordat er geen gewone autoweg naartoe loopt, blijft het veel rustiger dan de bekende toeristische stranden.
Vanaf het strand kijk je uit richting La Graciosa.
Het klimaat is uitzonderlijk droog
Lanzarote heeft een droog subtropisch klimaat.
Volgens UNESCO bedraagt de gemiddelde jaarlijkse neerslag slechts ongeveer 115 millimeter.
Permanente rivieren bestaan niet en landbouw was daardoor eeuwenlang een grote uitdaging.
De temperatuur blijft daarentegen vrijwel het hele jaar aangenaam.
De winters zijn zacht en zomers warm zonder dat het gemiddeld zo extreem heet wordt als in delen van het Spaanse vasteland.
Veel wind
De noordoostelijke passaatwind speelt een grote rol op Lanzarote.
Vooral in het voorjaar en de zomer kan het behoorlijk hard waaien.
De wind zorgt voor verkoeling, maar maakt sommige stranden ook aantrekkelijk voor wind- en kitesurfers.
Voor landbouwers vormde diezelfde wind juist een probleem, wat de karakteristieke stenen muurtjes rond wijnstokken en andere gewassen verklaart.
Calima
Lanzarote ligt relatief dicht bij de Afrikaanse kust en krijgt daardoor regelmatig te maken met calima.
Tijdens zo’n situatie blaast droge lucht met Saharastof over de Atlantische Oceaan.
Het zicht kan sterk afnemen en de lucht krijgt een melkachtige of bruine kleur.
Ook kunnen de temperaturen plotseling stijgen.
Voor mensen met luchtwegproblemen kan zware calima extra belastend zijn.
Biosfeerreservaat sinds 1993
Lanzarote werd in 1993 door UNESCO aangewezen als biosfeerreservaat.
De erkenning heeft niet alleen betrekking op de natuur, maar juist ook op de bijzondere manier waarop bewoners zich hebben aangepast aan de droge vulkanische omgeving.
UNESCO wijst daarbij onder andere op de landbouwtechnieken van La Geria en de combinatie van natuurbescherming en toeristische ontwikkeling.
Ruim 40 procent van het eiland is beschermd natuurgebied.
UNESCO Global Geopark
Sinds 2015 vormen Lanzarote en de Archipiélago Chinijo bovendien een UNESCO Global Geopark.
Daarmee wordt de bijzondere geologische geschiedenis van het eiland internationaal erkend.
Het gebied bevat oude vulkanische structuren, jonge lavavelden, zeekliffen, lavatunnels en bijzondere erosievormen.
Canarische keuken
Ook de keuken van Lanzarote heeft een uitgesproken Canarisch karakter.
Bekende gerechten en producten zijn:
- papas arrugadas;
- mojo rojo en mojo verde;
- geitenkaas;
- verse vis;
- gofio;
- gegrild vlees;
- lokale aardappelen;
- wijnen uit La Geria.
Door de ligging midden in de Atlantische Oceaan speelt verse vis vanzelfsprekend een belangrijke rol.
Vooral in vissersdorpen als El Golfo, Arrieta, Órzola en Famara staan veel visgerechten op het menu.
Papas arrugadas
Een van de bekendste gerechten zijn papas arrugadas.
Kleine aardappelen worden traditioneel in sterk gezouten water gekookt totdat de schil gerimpeld raakt en een dun wit zoutlaagje achterblijft.
Daarbij wordt meestal mojo geserveerd.
Rode mojo is vaak pittiger en bevat paprika of peper, terwijl groene mojo meestal met koriander of peterselie wordt gemaakt.
Geitenkaas
Door het droge landschap zijn geiten van oudsher goed aangepast aan Lanzarote.
Lokale queso de cabra wordt daarom veel geproduceerd.
De kaas kan vers, halfgerijpt of langdurig gerijpt worden gegeten.
Sommige producenten bedekken de buitenkant bijvoorbeeld met paprikapoeder of gofio.
Meer dan 3,4 miljoen toeristen per jaar
Toerisme vormt verreweg de belangrijkste economische sector van Lanzarote.
In 2025 ontving het eiland 3.455.200 toeristen.
Dat was 1,4 procent meer dan een jaar eerder. Daarmee had Lanzarote van de grote Canarische toeristische eilanden de meest gematigde groei.
Het toerisme is vooral afkomstig uit andere Europese landen.
Britse, Duitse, Ierse, Spaanse en andere Europese bezoekers vormen grote groepen.
Een enorme toeristische druk
Het verschil tussen de permanente bevolking en het aantal aanwezige bezoekers is groot.
In 2025 woonden ongeveer 166.878 inwoners permanent op Lanzarote, terwijl dagelijks gemiddeld ruim 82.000 toeristen aanwezig waren.
Dat betekent dat het werkelijke aantal mensen op het eiland gemiddeld bijna de helft hoger lag dan alleen de officiële bewonerspopulatie doet vermoeden.
Deze toeristische druk leidt ook tot discussie over woningprijzen, water, infrastructuur en de verdere groei van het aantal bezoekers.
Buitenlandse inwoners
Lanzarote heeft daarnaast een opvallend internationale bevolking.
Ongeveer een kwart van de permanente inwoners heeft een buitenlandse nationaliteit.
In 2025 was de Colombiaanse gemeenschap de grootste buitenlandse groep, gevolgd door onder andere Britten en Italianen.
Vooral in Arrecife en de toeristische gemeenten woont een grote internationale bevolking.
César Manrique-Lanzarote Airport
De luchthaven ligt ongeveer vijf kilometer buiten Arrecife.
César Manrique-Lanzarote Airport verwerkte in 2025 precies 8.920.901 passagiers, een nieuw record.
Ongeveer zes miljoen van deze reizigers maakten gebruik van internationale vluchten.
Groot-Brittannië en Duitsland zijn samen verantwoordelijk voor meer dan zestig procent van het internationale vliegverkeer.
Ook vanuit Nederland en België bestaan gedurende vrijwel het hele jaar rechtstreekse vluchten.
Ook in 2026 blijft het vliegverkeer hoog
In de eerste helft van 2026 maakten ruim 4,31 miljoen reizigers gebruik van César Manrique-Lanzarote Airport.
Dat was ongeveer één procent minder dan in dezelfde periode van 2025, maar nog altijd een zeer hoog niveau.
De luchthaven blijft daarmee na Gran Canaria en Tenerife Sur een van de drukste van de Canarische archipel.
Bus of huurauto?
Lanzarote heeft openbaar busvervoer tussen de belangrijkste plaatsen.
Vanuit Arrecife bestaan verbindingen naar onder andere Puerto del Carmen, Playa Blanca, Costa Teguise en verschillende dorpen.
Voor wie vooral bij een grote badplaats blijft, is een huurauto daarom niet noodzakelijk.
Wie Timanfaya, Famara, Haría, La Geria en kleine dorpen wil ontdekken heeft met een auto wel aanzienlijk meer vrijheid.
Afstanden zijn relatief klein
Een voordeel is dat Lanzarote compact is.
Van noord naar zuid rijd je zonder lange tussenstops in ongeveer een uur tot anderhalf uur.
Daardoor kun je gemakkelijk aan de ene kant van het eiland verblijven en toch uitstapjes naar alle andere gebieden maken.
De wegen zijn over het algemeen goed en veel routes zijn op zichzelf al bijzonder vanwege het vulkanische landschap.
Beste periode om Lanzarote te bezoeken
Lanzarote is het hele jaar geschikt voor vakantie.
Tijdens de winter liggen de temperaturen overdag vaak rond of boven de twintig graden.
Daarom is het eiland vooral van november tot maart populair bij Noord-Europeanen die aan de winter willen ontsnappen.
Voor wandelen en fietsen zijn winter, voorjaar en najaar bijzonder geschikt.
In de zomer is het warmer en kan vooral de combinatie van zon en wind ervoor zorgen dat je minder snel merkt hoe sterk de zon werkelijk is.
Zonbescherming is extra belangrijk
Door de zuidelijke ligging is de uv-straling op Lanzarote veel sterker dan in Nederland of België.
De wind kan de warmte bovendien maskeren.
Daardoor kun je snel verbranden zonder dat je het gevoel hebt dat het bijzonder heet is.
Goede zonbescherming, voldoende drinken en schaduw tijdens de heetste uren zijn daarom belangrijk.
Een eiland dat bewust anders is gebleven
Lanzarote had gemakkelijk kunnen uitgroeien tot een eiland vol hoogbouw en enorme hotelcomplexen.
Dat is slechts gedeeltelijk gebeurd.
De combinatie van beschermde natuurgebieden, bouwregels en vooral de ideeën van César Manrique heeft ervoor gezorgd dat grote delen van het eiland hun opvallende landschappelijke eenheid hebben behouden.
Witte dorpen steken scherp af tegen zwarte lava, terwijl toeristische attracties vaak letterlijk in het vulkanische landschap zijn verwerkt.
Dat is waarschijnlijk het grootste verschil tussen Lanzarote en veel andere zonbestemmingen.
Veel meer dan alleen een winterzonbestemming
Lanzarote is klein genoeg om gemakkelijk te verkennen, maar gevarieerd genoeg om iedere dag iets totaal anders te zien.
Je kunt ’s morgens door de zwarte lavavelden van Timanfaya rijden, lunchen tussen wijngaarden in La Geria en ’s middags zwemmen bij Papagayo.
De volgende dag kun je door een ondergrondse lavatunnel lopen, vanuit Mirador del Río naar La Graciosa kijken en eindigen aan het enorme surfstrand van Famara.
Daarbij komen de witte dorpen, de kunst van César Manrique, lokale wijn en een landschap dat nergens anders in Spanje hetzelfde is.
Juist die combinatie van vulkanen, architectuur, stranden, wijnbouw, natuur en Canarische cultuur maakt Lanzarote tot een van de meest bijzondere eilanden van Spanje.
